Ik heb altijd dankbaar gebruik gemaakt van Hermann Erpfs Form und Struktur in der Musik: het is een benaderingswijze die in principe toepasbaar is op elke soort muziek. Zijn benadering is uitermate geschikt om te gebruiken bij het aandachtig observeren van wat er in muziek gebeurt.
Dat aandachtige observeren draait bijna altijd om het ontdekken/herkennen van patronen (regelmatigheden) en principes die daaruit kunnen worden afgeleid.
Twee uitgangspunten:
- Eenheid komt tot stand door innerlijke samenhang
- Geleding komt tot stand door het maken van scheiding
Vormmiddelen (toegepast op klankmateriaal)
- herhaling
- variatie
- contrast
Klankmateriaal (parameters)
- Toonhoogte (melodie/harmonie)
- Toonduur (metrum/ritme)
- Toonsterkte (dynamiek)
- Toonkleur (ook instrumentatie)
- Toonlengte (articulatie)
Vormprincipes
- herhaling:
maakt scheiding
sluit af
vraagt contrast
(afhankelijk van de plaats in het geheel) - contrast:
vraagt om herhaling
verbindt
opent
(afhankelijk van de plaats in het geheel)
Vormkarakters
- rijvorm
- evenwichtsvorm
- ontwikkelingsvorm
De dimensie textuur is niet expliciet genoemd/aanwezig.
Ik gebruikte de invalshoek textuur altijd als een aanvulling op de benadering van Erpf.
Het overzichtsschema uit het boek:
